Zieken
Werkwoord
Hulpwerkwoord
hebben
overgankelijk werkwoord
Het werkwoord 'zieken' betekent iemand plagen of voor de gek houden, vaak op een speelse manier.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
Gebiedende wijs
Voorbeelden
Ik ziek mijn broer door hem uit te lachen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Wij hebben elkaar gisteren geziekt met een grappig verhaal.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij ziekte haar vriendin toen ze klein waren.
verleden tijd, aantonende wijs
Ziek je zus niet zo vaak!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.