NEDERLANDS
🇳🇱

Hulpwerkwoord

hebben

onovergankelijk werkwoord (intransitive verb)

Het werkwoord 'zuchten' drukt vaak frustratie, vermoeidheid, opluchting of teleurstelling uit.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Voorbeelden

  • Ik zucht elke keer als ik mijn agenda zie.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij zuchtte toen ze het antwoord niet wist.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft de hele dag gezucht.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zuchtend liep hij de kamer uit.

    tegenwoordige tijd, tegenwoordig deelwoord

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.