NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

2901–2950 of 4783 words

Common words
2903sloep
2905happenv.bijten of eten
2906stoken
2907zwaan
2909basisschooln.eerste leerjaar school
2912peer
2914doorn
2917breien
2919cultureeladj.met betrekking tot cultuur
2921marmer
2927gietenn.rivier in Europa
2928beuk
2930spatv.vloeistof verspreiden
2931verslapenv.te lang slapen
2932toverdrankn.magische drank
2933niezenv.plotseling lucht uitstoten
2934hijzelfpron.persoon zelf
2935gierigadj.niet graag geld uitgeven
2936etalagen.winkeluitstalling
2937emailn.digitale brief bericht
2938dobbelenv.met dobbelstenen spelen
2939dinsdagavondadv.tijdstip dinsdagavond
2940digitaaln.digitale vorm
2941boekwinkeln.winkel voor boeken
2942afvegenv.schoonmaken met doek
2943etiketn.papiertje met informatie
2944radiatorn.verwarmingselement in huis
2945lansn.lang steekwapen
2946blozenv.rood worden van schaamte
2947schroevenv.vastdraaien met schroef
2948baksteenn.voorwerp van klei
2949galerijn.ruimte voor kunst tentoonstellen
2950combinerenv.dingen samenvoegen