NEDERLANDS
🇩🇪

Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

2901–2950 von 89581 Wörtern

Top 5.000 — umfassender Wortschatz
2901revolutieB1
2902beseftev.zich realiseren
2903caféA1n.koffiehuis of restaurant
2904draakB1
2907overgevenA2v.zich combineren met
2908dagboekA2
2909oudereB1n.iemand ouder
2910degenenpron.aanwijzend voornaamwoord
2911wonadj.behaald resultaat
2912kindjen.jong persoon
2913actriceB1
2914openbaarA1adj.public and known
2915ruilenA2v.meer dan één ruilen
2917verzinnenA2v.iets bedenken
2919jonger
2920rekeningenn.factuur of overzicht
2921bedrijvenv.actief in zaken
2923gekostv.meervoud van kost
2925dadenn.handeling of actie
2926rollenA2v.draaien bewegen
2927sindsdienB1adv.vanaf dat moment
2928kiestn.stem of keuze
2929kopieB1n.afdruk van document
2930hierbijA2
2931overvallenv.plotseling treffen
2932waarderenA2v.waarde geven aan
2934huh
2935arresteerA2
2936blankA2n.witte persoon
2938durev.tijd blijven bestaan
2939meld
2940doktersv.handelen als arts
2941strakA2adv.op een later tijdstip
2942noodgevalB1n.dringende situatie
2944malingA2
2945gedwongenB2
2946overeindA2
2947nachtenn.donkerste tijd van dag
2948reparerenA2
2949wijstv.aanwijzen of tonen
2950verklaartv.officieel zeggen