NEDERLANDS
🇩🇪

Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

2951–3000 von 89581 Wörtern

Top 5.000 — umfassender Wortschatz
2951wijstv.aanwijzen of tonen
2952bestellenA2n.systeem van levering
2953interviewA1n.journalistiek gesprek
2955excuserenA2v.iemand verontschuldigen
2956rijbewijsA2n.document voor autorijden
2957grijpenA2n.handvat of greep
2958avontuurA2v.op avontuur gaan
2959daadA2n.handeling of actie
2960bewustA2adj.met opzet of kennis
2961breinn.deel van het hoofd
2962lievelingA2n.favoriete persoon of dier
2963vandaarA2adv.daarom of daarvandaan
2964uzelfA2pron.nadruk op gij
2965schei
2966durvenA2v.moed hebben om te doen
2967watje
2968gerichtv.sturen naar doel
2969blaasA2n.orgaan voor urine
2970wowA2interj.uitroep van verbazing
2971ziekeA2v.lijden aan
2972waarbijA2adv.in welk geval
2973jasjev.een jas dragen
2974verzonnenv.iets bedenken
2975doodsbangA2adj.erg veel angst
2976bewezenv.aantonen of tonen
2977overnemenB1
2978terugtrekkenA2v.weer naar achter gaan
2979knopA2v.vastmaken met knopen
2980rasB2
2981date
2982daarbuitenB1adv.buiten die plaats
2983vertrouwdev.geloof hebben
2984pikkenA2v.verdragen of accepteren
2985probeerdenv.iets proberen
2986minstv.seks hebben met iemand
2987gele
2988negerenB1v.niet opmerken
2989liveB2
2990doeiB1interj.tot ziens
2992verbrandenA1v.to burn
2994leverB2n.orgaan in lichaam
2996ingangA2n.toegang tot gebouw
2997toestelB1
2998sire
2999missA1n.afwezigheid van iemand
3000verzamelenA2v.bij elkaar brengen