🇳🇱

Fiets

deZelfstandig naamwoordB1
1
Simple
Perfect Tense
Informal
Een jonge vrouw met een blije uitstraling fietst door een drukke straat vol leven en activiteit, omringd door huizen en bloeiende tuinen.
2
Simple
Een peuter zit trots op een kleurrijk fietsje met een bellenblazer, omringd door een zonnig park.
3
Simple
Perfect Tense
Surrealistisch landschap met een fietser die vrolijk een kronkelig pad door groene heuvels rijdt, omlijst door geometrische vormen in de achtergrond.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.