Neuzen
Hulpwerkwoord
hebben
onovergankelijk, informeel
Het werkwoord 'neuzen' betekent informeel rondkijken of snuffelen, vaak zonder toestemming of met nieuwsgierigheid.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Voorbeelden
Ik neus graag in oude boeken.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Zij heeft gisteren in mijn kamer geneusd.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Neus niet in mijn spullen!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Hij liep neuzend door de markt.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.