Werkwoord
Hulpwerkwoord
hebben
werkwoord
Het werkwoord oogsten verwijst naar het verzamelen van rijpe producten, meestal uit de grond of van planten.
Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je, u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Gebiedende wijs
Aanvoegende wijs
Voltooid deelwoord
Voorbeelden
De boer is blij omdat hij veel heeft geoogst.
voltooid, indicatief
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.