NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

2151–2200 of 4783 words

Common words
2151buurvrouwn.vriendelijke vrouwelijke buur
2152tabakn.gedroogde bladeren roken
2153puzzel
2159vork
2166inkt
2169tillenn.hoofd van iets
2170toetsv.het testen van iets
2174jus
2175gehoorzaamv.bevelen opvolgen
2176akeligadj.onaangenaam of vervelend
2177ruig
2178aanvraagn.verzoek om iets
2181vattenv.begrijpen of pakken
2182brandweermann.persoon die branden blust
2183jamn.muzikale improvisatie
2184zonlichtn.licht van zon
2185verkoudenadj.ziekte met snotteren
2186vastbeslotenadj.met sterke wil
2187ankerv.schip vastleggen
2188terugzienv.weer ontmoeten na afwezigheid
2189lepelv.met lepel eten of scheppen
2190zeemann.man op schip
2191halten.stopplaats voor voertuig
2192stakkern.zielig persoon
2193publicerenv.iets openbaar maken
2194werkloosadj.geen baan hebben
2195trouwerijn.huwelijksfeest
2196vertonenn.publieke presentatie
2197autoriteitn.officieel machtsorgaan
2198giftigadj.gevaarlijk voor leven
2199strijdern.persoon die vecht
2200omhelzenv.iemand stevig vasthouden