Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus β€” 44 million words of Dutch film and television subtitles.

2601–2650 of 89581 words

Top 5,000 β€” well-rounded vocabulary
2602bibliotheekA2n. β€” gebouw voor boeken
2603vriendjesn. β€” persoon met genegenheid
2604overleefdv. β€” blijven leven
2605caesar
2606gewerenn. β€” vuurwapen met lange loop
2607mooieradj. β€” aantrekkelijk visueel
2608droogA2
2609bemoei
2610trucA2
2611oceaan
2612stratenn. β€” weg in stad
2613humorB1
2614fantasieA2
2616graafA2n. β€” diep gat of holte
2617geredenv. β€” verplaatsen met voertuig
2618podiumA2
2619junior
2620velenn. β€” grote hoeveelheid
2621filmenB1v. β€” bezig met opnemen
2622afschuwelijkB1adj. β€” heel slecht
2623bidn. β€” plaats om te wassen
2624kantenv. β€” omdraaien van iets
2625daarbovenA2
2628kennelijkB1
2629hoordenn. β€” an ear
2630hetenA1v. β€” naam geven
2631bravoB1
2632wachtten. β€” wachttijd periode
2634moeilijkeradj. β€” niet eenvoudig
2635boodschappenv. β€” winkelen voor spullen
2636belovenA2v. β€” iets toezeggen
2637alcoholA2
2638levendev. β€” in leven zijn
2639tank
2640maskerA2
2643uitzichtA2
2644torenA2v. β€” opgericht structuren
2645veranderv. β€” iets anders maken
2646fanB1
2647hieroverB1
2648burgerA2
2649ogenblikA2
2650tenslotteA2