Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

2901–2950 of 89581 words

Top 5,000 — well-rounded vocabulary
2902revolutieB1
2903draakB1
2904caféA1n.koffiehuis of restaurant
2905beseftev.zich realiseren
2907overgevenA2v.zich combineren met
2908dagboekA2
2909kindjen.jong persoon
2910degenenpron.aanwijzend voornaamwoord
2911oudereB1n.iemand ouder
2912wonadj.behaald resultaat
2913actriceB1
2915openbaarA1adj.public and known
2916ruilenA2v.meer dan één ruilen
2918verzinnenA2v.iets bedenken
2919jonger
2920rekeningenn.factuur of overzicht
2921bedrijvenv.actief in zaken
2924gekostv.meervoud van kost
2925daden
2926kopieB1
2927kiestn.stem of keuze
2928rollenA2v.draaien bewegen
2929sindsdienB1
2930overvallenv.plotseling treffen
2931hierbijA2
2932huh
2934blankA2n.witte persoon
2935arresteerA2
2936waarderenA2v.waarde geven aan
2938durev.tijd blijven bestaan
2939doktersv.handelen als arts
2940strakA2adv.op een later tijdstip
2941meld
2943noodgevalB1
2944malingA2
2945gedwongenB2
2946nachtenn.donkerste tijd van dag
2947overeindA2
2948verklaartv.officieel zeggen
2949reparerenA2
2950bestellenA2