NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

2851–2900 of 89581 words

Top 5,000 — well-rounded vocabulary
2851grot
2853geopendv.iets toegankelijk maken
2854carter
2857applausB1n.klappen voor waardering
2858plassenA2n.ondiep watergebied
2859varenA1n.voedsel voor dieren
2860stemmingA2n.gemoed stemming
2861busjev.kussen geven
2863snijv.iets in stukken maken
2865jeeA2interj.korte uitroep van verbazing of emotie
2866haA2hectoannum
2867hoerenv.seks kopen van hoer
2868bezet
2870datjeA2n.kleinigheid klein voorwerp of extraatje
2871gewichtA2n.lichaamsmassa of druk
2872maalB1
2874overheenA2adv.naar de andere kant over iets
2876proevenA2n.oude Engelse proef
2877beantwoordenA2v.iemand helpen met vraag
2879karakterB1n.eigenschap van persoon
2880internetA1n.internet
2881tape
2883vrachtwagenB1n.grote transportauto
2884lagenv.stellen in een horizontale positie
2885lokale
2886jarigA1adj.verjaardag vieren
2887clark
2888studentA2
2889oostenA2n.azië
2890kwartA1n.een vierde deel
2891beweegv.zich verplaatsen of veranderen
2893studioA2n.ruimte voor opnamen of klein appartement
2894dubbelA2n.dubbelspel
2895lawaaiA1n.noise
2896havenA1v.meervoud van haven
2897onlangsB1
2898bijtv.tanden gebruiken om iets te pakken
2899baby'sn.jong kind
2900aanslagA2n.aanval belastingbrief negatieve invloed