NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

3051–3100 of 89581 words

Top 5,000 — well-rounded vocabulary
3051gestokenn.een soort steek
3052gedurendeB1
3053bijtenA2v.tanden gebruiken om iets te pakken
3054hoogteB1
3055gemerktv.waarnemen of in acht nemen
3056familiesn.een groep mensen
3057douchenA1v.zich wassen onder de douche
3058schuurA2
3061opdagenB2v.verschijnen komen
3063lessenv.verminderen hoeveelheid
3066groeitv.ontwikkelen in grootte
3067zustersn.zorgende vrouw
3068bekennenB1v.toeggeven dat iets waar is
3069beschermtv.iets of iemand verdedigen
3070chaosA2
3071opzetA2
3072kwartierA2
3073stadjen.stedelijke plaats
3074uitkomenA2v.naar buiten komen
3075tweelingA2
3076gewondenv.luchtstroom veroorzaken
3078eeuwenn.periode van honderd jaar
3080standA2
3081weghalenA2
3082heuvelA2n.kleine berg
3083bevriendB2
3084dodelijkB1adj.levensgevaar veroorzakend
3085verrot
3086verlangenA2
3087plantenA2
3088uitdagingB1
3089tuig
3090vloogv.zich voortbewegen in de lucht
3091greepA2
3093grenzenB1
3095voorgesteldv.introduceren tonen
3099zorgdev.iets waar je om geeft
3100stevigA2adj.sterk en stevig