NEDERLANDS
🇩🇪

Woordenlijst

Die häufigsten niederländischen Wörter, sortiert nach ihrem Vorkommen in der Alltagssprache. Basierend auf dem SUBTLEX-NL-Korpus — 44 Millionen Wörter aus niederländischen Film- und Fernsehuntertiteln.

3001–3050 von 4783 Wörtern

Häufige Wörter
3002opvang
3004achterkamern.kleine kamer achter in een huis
3012bacterien.heel klein micro-organisme
3013kwast
3017snavel
3018meel
3019zalf
3024roven
3025roei
3028oorbeln.sieraad voor oor
3030kenmerkv.meervoud van kenmerk
3031invoerenv.naar binnen varen
3032schrapenn.afval van schrapen
3033sterkenv.kracht geven
3034schokkenv.hevig bewegen of schudden
3035bontjasn.jas van dierenhuid
3036boden.boodschapper of boodschapper
3037brandkastn.kast voor waardevolle spullen
3038versierv.iemand verleiden
3039afhangenv.afhankelijk zijn van
3040lantaarnn.lichtgevend voorwerp buiten
3041samenlevenv.samen wonen en leven
3042uiteinden.laatste deel van iets
3043rommeligadj.niet netjes of geordend
3044platzakadj.geen geld hebben
3045nieuwtjen.kort bericht nieuws
3046meehelpenv.samenwerken bij taak
3047kluizenaarn.eenzaam levend persoon
3048bijlesn.extra onderwijsles
3049presentatorn.iemand die programma leidt
3050verwarmenv.warm maken