NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

3051–3100 of 4783 words

Common words
3054circa
3058heler
3061verrekkenv.uitrekken of scheuren
3062nationaliteitn.afkomst of nationaliteit
3067flexibeladj.makkelijk aanpasbaar
3070kruik
3076panter
3081verlovenv.toestemming geven vertrekken
3082campingn.plek om te kamperen
3083krekeln.zwarte springend insect
3084pastein.gebakken hartig gerecht
3085moordaanslagn.poging tot moord
3086twaalvenn.aantal van twaalf
3087bazinn.vrouwelijke baas
3088bradenv.vlees koken op vuur
3089slaapzaaln.grote ruimte met bedden
3090vastenadj.zeker zijn
3091doorvertellenv.verder vertellen
3092fluwelenadj.gemaakt van fluweel
3093gezelligheidn.gezellige sfeer
3094openbrekenv.met geweld openmaken
3095schadelijkadj.niet goed voor gezondheid
3096sleurenv.met moeite trekken
3097wartaaln.onbegrijpelijke taal
3098wachtern.persoon die bewaakt
3099opengaanv.naar buiten openen
3100vernieuwenv.opnieuw maken of doen