NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

1851–1900 of 89581 words

Top 5,000 — well-rounded vocabulary
1851maandagA1n.dag van de week
1852noordenA1n.gebied in Nederland
1853ahA2interj.uitroep van gevoel
1854politiekB1
1855parkA1n.openbaar groen gebied
1856vernietigdv.kapot maken
1857kortev.iets kleiner maken
1858kwestieB1
1859slaapkamerA1n.bedroom
1860liegA2v.niet de waarheid zeggen
1861leertadj.vaardigheid opdoen
1862gewendn.afleiding van wen
1863potA2v.meervoud van pot
1864natA1adj.wet not dry
1865maatjen.vriend kameraad
1866groetenA2v.een groet zeggen
1867verdomdv.iets vervloeken
1868naaktA2adj.zonder kleren aan
1869vanmiddagA2adv.op de middag van vandaag
1870genietenA2v.plezier beleven aan iets
1871wegensB1
1872hiervoorA2adv.voor dit doel
1873badkamerA1n.ruimte om te baden
1874makkelijkeradj.simpel of eenvoudig
1875projectA1n.een plan of voorstel
1877miljoenenn.grote geld hoeveelheid
1878hielpv.aan iemand assistentie bieden
1879nachtmerrieA2n.angstige droom
1880genezenA2v.beter maken
1881daderB1
1882vasthoudenA2v.stevig beetpakken
1883aannemenA2v.iets accepteren
1884bomenv.iets dat in bomen bevindt
1885verloorn.geen winst
1886aankomenA2v.gewicht toenemen
1887ontslagA2v.iemand ontslaan
1888beslissenA2v.een besluit nemen; vaststellen
1889buren
1890pilootB1
1891whiskyB1
1892knappen.knoop op kleding
1893kastA1v.een soort warmtehuis
1894netjesn.draad of net
1896godenn.een specifieke god
1897rijken.veel geld hebben
1898diefA2n.persoon die steelt
1899bronA2n.herkomst van informatie
1900stroomA2n.elektriciteit in huis